Blaren voorkomen en behandelen

Blaren voorkomen en behandelen

Bijna elke wandelaar heeft er weleens mee te maken: blaren. En zo’n klein blaasje op je voet kan een mooie wandeltocht flink verpesten! Met deze tips weet jij wat je kunt doen om blaren te voorkomen, maar ook hoe je blaren kunt behandelen als je ze tóch krijgt.

Wat zijn blaren eigenlijk?

Ja, laten we daar eens mee beginnen. Een blaar is een vochtophoping in de huid. Meestal wordt dit een bol vochtzakje, maar een blaar kan ook (redelijk) plat zijn. Het vocht in de blaar is helder, daardoor ziet de blaar er van buiten een beetje wit uit. Een blaar ontstaat door druk of wrijving, bijvoorbeeld tussen je voet en je schoen. We noemen het daarom ook wel een ‘drukblaar’ of ‘wrijvingsblaar’.

Normaliter zit een blaar in de opperhuid. Gaat een blaar dieper, dan kan er bloed in je blaar komen. De blaar is dan niet meer wit, maar donker van kleur. Dit noemen we een ‘bloedblaar’.

Blaren voorkomen

Als je eenmaal weet wat blaren zijn, dan is het al een stuk makkelijker om te bedenken hoe je ze kunt voorkomen. Ze ontstaan door wrijving, dus je wilt voorkomen dat het onnodig gaat wrijven en schuren bij je voeten. Om blaren te voorkomen zijn er een aantal dingen die je al voordat je op pad gaat kunt doen. Maar ook als je al op weg bent en voelt dat het ergens schuurt of knelt, kun je nog een aantal dingen doen om blaarvorming voor te zijn.

Wat kun je doen vóór je op pad gaat?
  • Goede schoenen: Het spreekt voor zich dat niet goed passende schoenen kunnen knellen of schuren en zo blaren kunnen veroorzaken. Zorg dus om te beginnen voor goede en goed ingelopen wandelwandelschoenen.
  • Goede sokken: Ook sokken kunnen je helpen om blaren te voorkomen. Het liefst kies je voor naadloze wandelsokken. Persoonlijk ben ik erg te spreken over WrightSocks. Deze sokken zijn dubbellaags, en vangen zo de eventuele wrijving op, waardoor je minder snel blaren krijgt. Heb je vaak blaren tussen je tenen? Overweeg dan een teensokken. Meer hierover lees je in de blog ‘Injinji: teensokken voor wandelaars‘.
  • Goede voetverzorging: Ook kun je je voeten zelf voorbereiden op een tocht. Zorg voor kort geknipte teennagels, zodat je jezelf niet kunt bezeren met scherpe randjes. Haal een teveel aan eelt weg – maar haal niet alles weg! Het eelt is namelijk een extra beschermlaagje van je voeten. Ook kun je een periode voordat je aan een langere tocht begint je voeten behandelen met een middeltje dat de huid verstevigt, bijvoorbeeld camphor spray.
Wat kun je doen tijdens het wandelen?

Vaak voel je een blaar al wel aankomen. Op een bepaald plekje op je voet voel je druk, de huid raakt geïrriteerd en wordt rood. Zo’n plek noemen we ook wel een ‘hotspot’. Merk je tijdens het wandelen dat je een hotspot hebt? Zoek een plekje om even te gaan zitten en je voeten te behandelen. Zo kun je blaren voor zijn!

    • Zijn je voeten nog droog? Zo niet, laat je voeten drogen of droog ze af met een (hand)doek als je die bij de hand hebt.
    • Zijn je sokken vochtig, vervang ze door droge sokken.
    • Heb je erg last van zweetvoeten? Strooi eventueel wat talkpoeder op je voeten en sokken. Talkpoeder neemt vocht op, en helpt je zo om je voeten droog te houden.
    • Droge voeten en toch een hotspot? Plak die plek dan af met blarenpleisters. Ook kun je ervoor kiezen preventief te tapen. Er is een speciale anti-blaar sporttape op de markt speciaal voor dit doel, maar je kunt ook gewoon hechtpleister gebruiken (die je ook gebruikt om een gaasje over een wond of open blaar te plakken, dus multi-functioneel).
    • Veel wandelaars zweren bij het gebruik van WandelWol. Door een plukje van de wol ter hoogte van de hotspot in je sok te stoppen creëer je een anti-druk-laagje. Als je vaak last hebt van blaren is WandelWol zeker het proberen waard.
Blaren behandelen

Ai, je hebt toch een blaar opgelopen. Wat nu? De grote vraag is altijd: prik je de blaar door of niet? Er zijn verschillende redenen waarom je een blaar liever wel of niet wilt prikken.

Onthoud als vuistregel: prik niet als het niet nodig is. Als het bijvoorbeeld maar een klein blaartje is, dan kun je er beter voor kiezen de blaar heel te laten.  Heb je te maken met een bloedblaar in plaats van een gewone wrijvingsblaar? Prik deze dan zeker niet door. Maar ook wanneer je diabetes hebt, of een andere reden waarom je open wonden – met name aan de voeten – wilt voorkomen is het beter om de huid niet moedwillig kapot te maken.

Aan de andere kant: ben je bezig met een lange of meerdaagse tocht, en wil je graag verder lopen? Dan is doorlopen met een blaar echt geen pretje. De blaar kan groter worden, of je kunt ook diepere huidlagen stuklopen. Dat wil je voorkomen, dus dan kan het beter zijn om de blaar wel te prikken. Ook als de blaar echt heel groot en pijnlijk is kan het prettig zijn om de blaar toch te prikken.

Behandeling bij niet doorprikken

Kies je ervoor om de blaar niet door te prikken? Dan hoef je eigenlijk vrij weinig te doen. Het is wel goed om de huid op en rond de blaar schoon en droog te maken. Dek de blaar eventueel af met een pleister of met een gaasje en wat tape.

Behandeling bij wel doorprikken en bij een open blaar

Soms kies je ervoor een blaar door te prikken. En soms wordt die keuze voor je gemaakt doordat je de blaar al kapot hebt gelopen. Het is goed om te beseffen dat je in deze gevallen te maken hebt met een wondje. Behandel de blaar daarom ook als een wond: werk schoon en zorg dat de wond goed word afgedekt.

Wil je een blaar prikken, volg dan dit stappenplan. Heb je een kapot gelopen blaar, dan sla je stappen 3  en 4 over.

    1. Als je hele vieze voeten hebt, spoel ze dan eerst even af met schoon water.
    2. Ontsmet de huid op en rond de blaar en je handen. Doe dit met een ontsmettingsmiddel zoals wondreinigingsdoekjes.
    3. Ontsmet de naald waarmee je gaat prikken. Indien je steriel verpakte blarenprikkers gebruikt is dit niet nodig.
    4. Prik de blaar door. Het makkelijkst is om dit zo dicht mogelijk bij de rand te doen. Zorg dat het gaatje niet te klein is, anders bestaat de kans dat het te snel weer dicht gaat.
    5. Druk het vocht voorzichtig uit de blaar. Gebruik hiervoor een gaasje of schoon doekje.
    6. Ontsmet de blaar opnieuw en maak deze droog.
    7. Dek de blaar af met een pleister, of met een stukje gaas en tape. Plak nóóit een blarenpleister op een open blaar!

Tip: blijft het gaatje steeds weer dichtgaan waardoor de blaar zich steeds weer vult met vocht? Rijg met naald en draad een draadje door de blaar. Op deze manier blijft het gaatje open en kan het vocht eruit. Denk ook nu eraan dat je de blaar weer goed afdekt.

Benodigdheden voor het voorkomen en behandelen van blaren

Als je blaren wilt voorkomen en zo nodig behandelen, is het wel handig dat je de juiste spullen bij je hebt als je op pad gaat. Het is altijd verstandig om een EHBO-setje mee te nemen op je wandeltochten. Maar vaak is de standaard inhoud niet toereikend. Daarom zet ik hieronder de benodigdheden voor het voorkomen en behandelen van blaren nog eens op een rijtje. Loop jouw EHBO-set eens na, en vul die zo nodig aan.

Voor preventie van blaren:

Voor het behandelen van blaren:

Heel veel wandelplezier!

Wil je niks missen van DutchWayfarer? Volg me op Facebook of Instagram, of schrijf je in voor de nieuwsbrief.

[De foto boven deze blog is door Anna Shvets via Pexels.]

About Lindsey

Een stadsmeisje met liefde voor het buitenleven en meer reislust dan haar kantoorbaan kan bekostigen. Is vast van plan om de wereld te zien – ver weg en dichtbij. Gaat ooit naar Santiago lopen, en met een camper door Canada toeren. Haar lijfspreuk is: ‘Stop and smell the roses’, oftewel: neem de tijd om van het leven te genieten.

View all posts by Lindsey →

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *